Nederland moet meer doen om oudere mensen aan het werk te houden en bedrijven zover te krijgen dat ze ouderen aannemen.

Dat stelt de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) in een woensdag gepubliceerd rapport over het vergrijzingsbeleid van Nederland.

Nederland heeft de afgelopen jaren goede vorderingen geboekt bij de werkgelegenheid voor ouderen, vindt de OESO. Vorig jaar was 58,6 procent van de 55- tot 64-jarigen aan het werk.

Dat is 17 procentpunt meer dan 10 jaar eerder, waarmee Nederland één van de sterkste stijgingen van alle OESO-lidstaten wist te boeken.

Nederland loopt nog flink achter

Tegelijkertijd loopt Nederland nog flink achter op de landen met de beste scores en is er meer nodig om de naderende vergrijzing het hoofd te bieden. Daardoor komen er de komende jaren steeds meer gepensioneerden ten opzichte van werkende mensen.

In 2050 komt het aantal 65-plussers in Nederland overeen met ruim de helft van het aantal 20-64-jarigen. Dat is nu ruim een kwart.

Lonen van ouderen verlagen

Om meer ouderen langer aan het werk te houden, moet het volgens de OESO onder meer mogelijk worden om de lonen van oudere werknemers te verlagen als hun productiviteit afneemt.

Daarnaast kan worden overwogen om werk en pensioen te combineren, zodat mensen gefaseerd afscheid kunnen nemen van de arbeidsmarkt. Kortere werkloosheidsuitkeringen kunnen verder helpen om ontslagen ouderen te motiveren naar een baan te blijven zoeken.

Nederlandse mannen gaan nu gemiddeld op een leeftijd van 63,6 jaar met pensioen. Voor vrouwen ligt de pensioenleeftijd gemiddeld op 62,3 jaar. Daarmee werken Nederlanders langer door dan het Europese gemiddelde, maar minder dan in OESO-verband gebruikelijk is.

De OESO geeft economische adviezen aan haar 34 lidstaten, die allemaal tot de rijkere, geïndustrialiseerde landen horen.

Asscher is tevreden

Minister Lodewijk Asscher (Sociale Zaken) toonde zich tevreden met het rapport. Hij sprak van "hoopgevende signalen'' in de toename van het aantal ouderen met een baan.

"Het rapport geeft aan dat we op de juiste weg zijn, maar dat we waakzaam moeten blijven. De langdurige werkloosheid onder ouderen is te hoog en er zijn aanhoudende inspanningen nodig om oudere werkzoekenden aan een baan te helpen'', concludeerde de minister.

Dit artikel is oorspronkelijk verschenen op z24.nl